Mandje  

Uw winkelmand bevat geen producten.

Verzendkosten € 0,00
Totaal € 0,00

Mandje Afrekenen

onze vermelding op www.keurmerk.info

Zoek

Categorieën

Adverteren

 

Fysiologie van kraakbeen

Gezond kraakbeen heeft een dikte van 2 tot 4mm en bestaat voornamelijk uit water (70%), collageenvezels (15%) en een basissubstantie van proteoglycanen (10%). Deze glycanen zijn erg belangrijk. Ze binden zich onder andere aan water en houden daarmee de kraakbeenmatrix (netwerk van collageenvezels) op spanning. Sommige glycanen zorgen daarbij voor extra volume (ze stoten elkaar af).

Gezond kraakbeen is dus een soort vloeistof gevuld kussentje dat voor voldoende veerkracht zorgt.

De belangrijkste bouwstof voor deze glycanen is glucosamine. Dit is een klein molecuul met gering moleculair gewicht. Het wordt gevormd uit glucose en glutamine en wordt door z'n geringe omvang zeer goed opgenomen. Een complexere vorm van glycanen is chondroïtine. Het moleculair gewicht van chondroïtine is erg hoog en het wordt dus slecht opgenomen.

Onbalans in het kraakbeen zorgt voor de achteruitgang in kwaliteit. Een hulpmiddel hierbij is extra inname glucosamine om weer balans te krijgen. Hier zou het niet bij moeten blijven, want artrose is een multicausale aandoening, waarbij onder meer genetische factoren en overbelasting een rol spelen.

De knie is het belangrijkste grote gewricht waar artrose optreedt. Op een leeftijd van 60 jaar komt artrose bij 20% van zowel vrouwen als mannen voor. Bij toenemende leeftijd blijft artrose bij circa 20% van de mannen voorkomen, terwijl de frequentie bij vrouwen stijgt naar 40% bij 80 jaar. De klachten van artrose nemen geleidelijk toe en bestaan vooral uit pijn, startstijfheid, zwelling en op den duur functieverlies.

Overbelasting is een oorzaak voor defecten in het collageennetwerk van het kraakbeen. Als reactie hierop gaat het kraakbeen teveel water bevatten. Als de belasting van het gewricht dan te groot wordt, kan het collageennetwerk niet meer in stand worden gehouden en ontstaan er veranderingen in de kraakbeenstructuur, zoals blaren en scheuren. Deze veranderingen geven ook aanleiding tot reacties in het (subchondrale) bot, dat verdikt en er ontstaat aan de randen osteofytvorming. Daarbij ontstaan er vaak chronische ontstekingen in het synoviale weefsel. Het gevolg van al deze processen is een onregelmatig gewrichtsoppervlak, benige verbreding van het gewricht, verdikking van het gewrichtskapsel en toename van het synoviale vocht. Advies: vermijdt overgewicht.